huis Ao91&n93

 

 

 


11 februari 1681
Deling van de goederen nagelaten door Pieterke Jacobs,  eerst weduwe van Hendrick Lenderse Ringers en daarna van Pouwels Mattheus van de Pelt tussen Catalijn Ringers, weduwe van Claas Jacobsen Swijgers geassisteerd door Joos van Huije haar zwager voor 1/5 part; Lenert Ringers voor 1/5 part; Jacob Ringers voor 1/5 part; Mattheus van der Pelt voor 1/5 part en Cornelis van Bosvelt X Hellegond van Pelt voor 1/5 part. Kavel A: Lenart Ringers een huis, hof en erf aan de Markt met halve gang aan de westzijde en verdere aankleven waarin de participanten’s moeder overleden is. Kavel B en C ieder voor de helft: Mattheus van der Pelt en Cornelis Bosvelt een stede land met huis op Deurlecht en nog enekele percelen land. Kavel D: Catelijn Ringers de helft van een stede land gemeenschappelijk met Francois Aertsen nomine uxoris op het einde van de steenweg gekomen van de erfgenamen van Cornelis Antonis Buijstelmans en nog enkele percelen land. Kavel E: Jacob Ringers een stede land met huis op Hulsdonk en nog enkele percelen land.

WBA: Roosendaal en Nispen; R281, fol. 10v-12r {Img24-25}.

===

9 mei 1720
Testament van Pieternella Ringers weduwe van Pieter de Jongh in leven schepen te Roosendaal. Zij heeft driemaal eerder getesteerd, namelijk op 2 maart 1712 (notaris J. Denman te Breda), op een onbekende datum voor notaris J. Dons te Roosendaal en op 16 juni 1716 (notaris B. de Beunje). Dit laatste testament is zeer gedetailleerd en bevat veel legaten. Onder andere legateert zij aan de kinderen van Hendrick Ringers een huis, hof en erf met alle toebehoorten over het stadthuijs op de Markt te Roosendaal naast het woonhuis van de testatrice met den ganck, regenbak, put en de gemeene plaets aen de put soo gelijk ‘t selve huijs en toebehoort jegenwoordig in huere bewoont en gebruijkt wert bij Jacobus Withoek.  

SAB: Breda; notaris B. de Beunje, N581, pag 100-117 {Img185-219}.

===

21 april 1728
Dingeman, Jacoba en Barbara Hendrixen Ringers meerderjarige kinderen van Hendrick Ringers in eigen naam voor 3/7 parten en geauthoriseerd op 25 februari 1728 door schepenen om op te treden voor hun uitlandige broeders Jacobus en Hendrick Ringers en voor hun twee minderjarige zusters Agatha en Susanna voor 4/7 parten vesten Hendrick van Pelt, notaris en procuratie in een huis, hof en erf in het begin op de zuidzijde van de Vlasmarkt. O: Josephus Hootsmans, W: Pieter Geleets nomine uxoris, Z: St. Jan en St. Jorisdoelen en N: ‘sherenstraat. De verkopers aangekomen van petronella Ringers, weduwe van Pieter de Jongh volgens testament van 9 mei 1720 (notaris Benjamin de Beunje te Breda). Verder verklaren de comparanten dat de put en regenbak staende agter ende nevens de voorschreve vercogte huijsinge door de eijgenaren van deselve huijsinge daer westwaerts aen tegenwoordigh toebehoorende aen de heer Pieter Geleets nomine uxoris altijt half ende half moeten werden gerepareert ende onderhouden. Koopconditie: 25 maart 1728. Koopsom: 630 gld.

WBA: Roosendaal en Nispen; R327, fol. 44v-45v {Img49-50}.

===

18 november 1737
Hendrick van Pelt, notaris en procureur vest Gerard van Roij in een huis, hof en verdere erven op de zuidzijde van de Markt. O: een ander huis van de verkoper, Z: St. Jan-en St. Jorisdoelen, W: Hugo Nelst en N: de Markt. Met verwijzing naar het koopcontract van 5 oktober 1737. Koopsom: 880 gld. Met schuldbrief.

WBA: Roosendaal en Nispen; R333, fol. 59r-v {Img60-61}.

===

20 oktober 1739
Hendrick van Pelt, notaris en procureur vest Jan Withoek in een huis, hof en verdere erven met de halve gang daar westwaarts aan op de zuidzijde van de Markt en door de koper bewoont. O: Jan Hootsmans, W: Gerard van Rooij, Z: St. Jan-en St. Jorisdoelen en N: de markt. Koopconditie 30 oktober 1739. Koopsom 850 gld. Met schuldbrief.

WBA: Roosendaal en Nispen; R334, fol. 47r-v {Img66-67}.

===

6 september 1778
Testament van Martina Panis, weduwe en testamentaire erfgename van Jan Francus Withoek. Zij vernietigt het mutueel testament van 15 maart 1760 voor schepenen. Zij pre-legateert aan haar dochter Jacoba Withoek weduwe van Adriaan Verbraaken de tocht van het huis, hof en erf op het einde van de Markt aan de Kade, voor deesen toebehoort hebbende wijlen den vernoemde Adriaen Verbraaken. Pre-legateert aan haar dochter Johanna Withoek de tocht van een huis, hof en erf op de Markt waarin de testatrice woont. Beide pre-legaten met allerlei voorwaarden. Pre-legateert aan haar zoon Martinus Withoek een huis, en erf op het einde van de Markt aan de noordzijde. En verder nog allerlei andere bepalingen.

WBA: Roosendaal; notaris J. Fercken, N6865-13 {Img26-29}.

===

21 maart 1860
Onderhandse akte van scheiding en delen ingeschreven. Deling tussen Martinus de Backer, hoedenmaker, Cornelia de Backer, weduwe van Cornelis Dielemans, winkelierster, Geertuide de Backer X Pieter Dirckx, verver en logementhouder en Cornelis de Backer, hoedenmaker betreffende de onverdeelde boedel uit de nalatenschappen van hun ouders Gerardus de Backer († 2 februari 1857) en Cornelia Witdoek († 4 september 1836) en hun zuster Pietronella Francisca de Backer († 25 maart 1852).
Voordat tot verdeling wordt overgegaan zij geweten dat Cornelia Witdoek in leven X Gerardus de Backer bij testament van 7 april 1836 (notaris G.A. Backx), enige beschikkingen gemaakt heeft, namelijk
1)
a) dat zij aan haar dochter Cornelia Dielemans, haar aandeel dat haar toekomt in een huis, hof en erf op de Grote Markt door de legetarisse bewoont. Kadastraal: L652 (huis en erf) en L653 (moestuin).
b) aan Geertruide de Backer X Pieter Dirckx enige percelen land op Kalsdonkc) aan Cornelis de Backer een huis en erf te Steenbergen aan de Blauwstraat
d) aan Martinus de Backer een huis en erf met de hoedenfabriek en gereedschappen en hetgeen tot de winkel behoort en het gebouw tot bergen van kolen. Kadastraal: L2 (schuur en erf), L5 (hoedenfabriek),en L6 (moestuin)
2)
dat Francisca Petronella de Backer na haar moeder Cornelia Witdoek ab intestato is overleden
3) dat de ondergetekende vader Gerardus de Backer is overleden op 2 februari 1857, testament van 14 oktober 1856 (notaris H.A.A. Wenning) waarin hij tot zijn erfgenamen benoemd zijn kinderen Martinus, Cornelis, Cornelia en Geertruide de Backer.
Staat van de goederen:

  • een huis, hof en erf aan de zuidzijde van de Grote Markt. Kadastraal L652 (huis en erf) en L653 (moestuin)
  • enkele percelen land op Kalsdonk
  • een huis en erf te Steenbergen in de Blauwstraat
  • een huis, schuur, hoedenfabriek en erf t.w., schuur en erf (L2), hoedenfabriek (L5) en moestuin (L6)
  • gereedschappen
  • winkelgereedschappen
  • contante gelden
  • een hypothecaire obligatie
  • nog te ontvangen rente

Toedeling:
Voor wat betreft het onroerend goed:
Martinus de Backer: vaste goederen: artikel 3
Cornelia de Backer, weduwe Cornelis Dielemans: vaste goederen artikel 1
Geertruide de Backer X Pieter Dirckx: vaste goederen artikel 2
Cornelis de Backer: vaste goederen: artikel 3

BHIC: ABHK-314-80 {NL-HtBHIC_532_314_0164-168.jpg}.

===

23 juli 1869
Testament van Cornelia de Backer weduwe van Cornelis Dielemans, winkelierster. Zij legateert aan haar zoon de eerwaarde her Gerardus Cornelis Dielemans een aantal percelen op de Kortendijk en Langdonk. Zij legateert aan haar dochter Petronella Gerardina Dielemans en bij vooroverlijden aan haar wettige afstammelingen een huis en erf aan de zuidzijde van de Markt A105 {noot: dit was voorheen huis Ao91&n93} kadastraal L652 en L653 thans door de testatrice bewoond en nog enige percelen op de Kortendijk tegen inbreng van respectievelijk 1.300 gld en 300 gld. Aan haar dochter Maria Anna Martina Dielemans  en bij vooroverlijden aan haar wettige afstammelingen bij plaatsvervanging een huis en erf aan de zuidzijde van de Markt A104 (noot: dit was voorheen huis Ao90&n92}, kadastraal L654 en L655 tegen inbreng van 5.000 gld en een huis en erf in de Sint Annastraat C21, kadastraal L987 tegen inbreng van 1.500 gld. Tot erfgenamen benoemt zij al diegenen die volgens de wet daartoe behoren.

WBA: Roosendaal; notaris H.A.A. Wenning, N-II-2468-139 {Img316-317}.

===

31 januari 1885
Cornelia de Backer, weduwe van Cornelis Dielemans, “vroeger” winkelierster en “thans” zonder beroep verkoopt aan Petrus Franciscus van den Biggelaar, koopman en winkelier een huis en erf, kadastraal L1764 en een pakhuis, schuur en erf L1765 en een perceel tuin L1331 met de bepaling dat de gang ten westen van de verkoopster aangekomen, de perceel nummers L1765 (oud L652) en L1764 (oud L653), bij akte van scheiding van 15 december 1859 (notaris Wenning te Roosendaal), geregistreerd te Oudenbosch 21 december 1859 deel 314 nr. 80. Koopsom 6.272 gld.

WBA: Roosendaal; notaris A.J. van Mens, n-II-2545-32 {Img52-53}.  


Schotboek

JS96r {Img137}
Leendert Hendricx Ringers bij veste van 10 april 1663 een huis en erf tegenover het vrijheidshuis op 16£

Habet Hendrick van Pelt, notaris en procureur bij veste van 14 februari 1729 overgezet fol.479v

===

JS480 {Img90}

Hendrick van Pelt uit de kinderen van Hendrick Ringers fol. 96 bij veste van 21 april 1728 een huis en erf op de Markt op 16£

Habet Jan Withoek bij veste van 20 oktober 1739 overgebracht op fol. 95v

===

JS95v {Img137}

Modo Martina Panis weduwe en boedelhoudster van Jan Withoek.

Jan Withoek uit Hendrik van Pelt fol. 480v bij veste van 20 oktober 1739 een huis en erf op de Markt op 16£

Habet Johanna Withoek overgebracht fol. 295.

===

JS295Ar {Img136}

De kinderen van wijlen Martinus Withoek met name Johanna, Kornelia, Huijberdina en Francisca Petronella Withoek voor 1//3; Boudewina Withoek voor 1/3 en Maria Anna Withoek, mits het overlijden van Johanna Withoek 20 april 1819 voor 1/3.

Johanna Withoek uit haar moeder Martina Panis in leven weduwe van Jan Francus Withoek fol.95v bij testament van 6 september 1778 (notaris J. Fercken) de tocht en na haar overlijden de erfgenamen Martinus, Boudewina en Maria Anna Withoek een huis, hof en erf over het vrijheijdshuijs op de Markt, gekomen van Hendrik van Pelt op 16£

Ao91&n93